Pensioenuitvoerders

Pensioen in Nederland moet worden ondergebracht bij een pensioenuitvoerder. We behandelen achtereenvolgens een premiepensioeninstelling (PPI), een pensioenverzekeraar, een bedrijfstakpensioenfonds, een algemeen pensioenfonds en een ondernemingspensioenfonds.

Premiepensioeninstelling (PPI)

Een PPI mag alleen in de opbouwfase van het pensioen als aanbieder optreden voor premieovereenkomsten. De PPI richt zich op de uitvoering van zogenoemde beschikbare premieregelingen, waarbij wel de premiebijdrage vaststaat, maar niet de hoogte van het uiteindelijke pensioen. De PPI is specifiek gericht op de uitvoering van pensioenregelingen waarbij geen sprake is van verzekering van risico’s. Daarom mag de PPI geen pensioenuitkeringen verstrekken aan gepensioneerden en geen (rendements-) garanties bieden. Voor een levenslange uitkering op basis van het bij de PPI opgebouwde kapitaal, zal de pensioengerechtigde zich moeten wenden tot een pensioenverzekeraar.

Pensioenverzekeraar

Een andere mogelijkheid is het onderbrengen van de pensioenaanspraak bij een levensverzekeringsmaatschappij. Er wordt dan een verzekering, ook wel uitvoeringsovereenkomst genoemd, afgesloten die de pensioenaanspraken afdekt.

Het is niet toegestaan dat de werknemer zelf de uitvoeringsovereenkomst afsluit. In alle gevallen zal dus de werkgever degene zijn die de uitvoeringsovereenkomst met de verzekeraar aangaat. De uitvoering van de pensioentoezegging komt te liggen bij de verzekeraar. De afspraken die gemaakt worden tussen werkgever en verzekeraar het de uitvoeringsovereenkomst. Deze moet nauw aansluiten bij de pensioenovereenkomst. De pensioenovereenkomst bevat immers de afspraken tussen de werkgever en werknemers.

De afspraken die worden gemaakt tussen de verzekeraar en de werknemers worden neergelegd in de pensioenpolis. Met deze polis kan de werknemer de verzekeraar bewijzen dat hij daadwerkelijk verzekerd is van een pensioen. Naast de pensioenpolis zorgt de verzekeraar voor een pensioenreglement. Het pensioenreglement heeft betrekking op de relatie tussen de pensioenuitvoerder en de deelnemers aan de pensioenregeling en vertaalt de pensioenovereenkomst in de vorm van rechten en verplichtingen voor deelnemers en pensioenuitvoerder.

Het pensioenreglement moet naadloos aansluiten bij de pensioenovereenkomst en de uitvoeringsovereenkomst.

Harde vs. zachte garanties

Pensioenverzekeraars en pensioenfondsen kennen verschillen in toezichteisen en (boekhoud-) regels. Pensioenverzekeraars mogen niet afstempelen (kennen dus harde garanties) en pensioenfondsen mogen wel afstempelend (zachte garanties).

Bedrijfstakpensioenfonds

In een aantal bedrijfstakken in Nederland, denk onder anderen aan de Zorg (Pensioenfonds Zorg en Welzijn, het pensioenfonds voor overheid en onderwijs (ambtenaren / ABP), de Metaalindustrie en Metaalnijverheid, de Bouw en Schildersbedrijven, zijn werkgevers verplicht om hun pensioentoezegging in het bedrijfstakpensioenfonds onder te brengen. Zij hebben hierin geen keuze. Zij weten zich echter wel vertegenwoordigd door de werkgeversorganisaties. Dat geldt ook voor de werknemers, die vertegenwoordigd worden door de vakbonden.

Of een bedrijf wel of niet onder een verplicht gesteld pensioenfonds valt, wordt bepaald door de aard van de feitelijke werkzaamheden. Ieder verplicht fonds heeft een omschrijving opgesteld van de werkzaamheden welke onder haar verplichtstelling vallen.

Geen premie wel recht

Wanneer een werkgever geen premies heeft afgedragen & een werknemer toch aantonen dat hij/zij heeft gewerkt in een bepaalde bedrijfstak, dan is het fonds toch verplicht om de werknemer pensioen uit te keren.

Daarnaast zijn er ook bedrijfstakpensioenfondsen waarvoor deelneming niet verplicht is, zoals bijvoorbeeld het pensioenfonds van de FNV, het openbaar vervoer en de accountancy.

Algemeen Pensioen Fonds (APF)

Een Algemeen Pensioenfonds (APF) is een pensioenfonds dat één of meer pensioenregelingen uitvoert. Een APF kan afgescheiden vermogens (‘ringfencing’) aanhouden voor verschillende collectiviteiten – dit wordt ook wel een collectiviteitskring genoemd. Binnen het APF is een ‘multi-client’-kring waarin meerdere werkgevers hun pensioenregeling kunnen onderbrengen en een ‘single-client’-kring voor grotere werkgevers die een eigen kring willen. Elke kring heeft een eigen dekkingsgraad, premiebeleid, indexatiebeleid en beleggingsbeleid.


Ondernemingspensioenfonds

Werkgevers die niet verplicht zijn hun pensioen onder te brengen bij een bedrijfstakpensioenfonds, hebben ook de keuze de pensioenen onder te brengen bij een zelf op te richten ondernemingspensioenfonds. Een aantal grote ondernemingen in Nederland, zoals Unilever, Philips en Shell, hebben een eigen ondernemingspensioenfonds. Gelet op de investering in mensen en middelen die dit met zich meebrengt, is een ondernemingspensioenfonds over het algemeen alleen weggelegd voor zeer grote bedrijven. Voor het aansluiten bij een pensioenfonds of het beëindigen van de aansluiting moet de ondernemingsraad instemming verlenen.

Sneltramhalte RandstadRail bij Prinses Beatrixlaan

De Nederlandse Pensioen Associatie maakt pensioen begrijpelijk, aantrekkelijk en betrouwbaar, voor nu én in de toekomst.

De Nederlandse Pensioen Associatie:

    • beschikt over Wft-vergunning & is ingeschreven bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM)
    • is lid van de beroepsorganisatie van de onafhankelijk pensioenadviseur (RPA)
    • is lid van Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD) o.b.v. bindend advies
    • is aangesloten bij beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar: Markel

Vredespaleis, Den Haag

Foto’s: Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met Den Haag Marketing

Parlementaire gebouwen en Mauritshuis bij hofvijver © Den Haag Marketing / Jurjen Drenth
Beatrixkwartier © Den Haag Marketing / Jurjen Drenth
Vredespaleis © Den Haag Marketing / Jurjen Drenth